Kintsukuroi en Ikigai; van fragiliteit tot levensdoel

‘Kintsukuroi’ (letterlijk vertaald: repareren met goud) is een oude Japanse techniek waarmee potten, schalen, vazen en kruiken worden gerepareerd. Dit gebeurt echter niet op de normale manier zoals wij deze in het westen kennen, namelijk door deze te lijmen. De Japanners maken bij een kintsukuroi-reparatie gebruik van goud of zilver in plaats van onzichtbare lijm. Daar waar wij proberen om de schade zo onzichtbaar mogelijk te maken, doen de Japanners juist veel moeite om de breukranden zichtbaar te vereeuwigen. Zij geloven namelijk dat wanneer iets of iemand schade heeft geleden en dus een historie heeft, dat datgene of diegene er juist mooier van wordt. Deze zienswijze komt een beetje overeen met de wijze waarop de Chinezen naar oude keramische theepotten kijken. Hoe ouder ze zijn en hoe meer ze geleden hebben, hoe meer waardering deze krijgen. De Chinezen koesteren dergelijke keramische potten, wetende dat het porselein door eeuwenlang gebruik van alle generaties voor hen, als vanzelfsprekend werd gepolijst door honderdduizenden lagen thee.

Ik herinner me bij die gedachten een oud boek met de titel “Krassen in het tafelblad”, van auteur Guus Kuijer. De auteur had namelijk in 1978 eenzelfde filosofie, vandaar de door hem gekozen titel. Hij doelde erop dat hij de tafel in zijn ouderlijk huis juist meer was gaan waarderen door alle krassen die zich in het tafelblad bevonden. Deze krassen herinnerde hem aan de 1001 activiteiten die generatie op generatie aan die tafel hadden plaatsgevonden zoals lach- en huilpartijen, feesten, genuttigde maaltijden, goede pedagogische of filosofische gesprekken enzovoorts. Iedere groef stond voor een herinneringswaardige gebeurtenis. De tafel was er dus naar zijn mening niet op achteruit maar op vooruit gegaan. De bekende Nederlandse zanger George Baker opperde ooit in een documentaire over zijn leven eenzelfde filosofie toen hij uitlegde waarom hij al sinds het begin van zijn succesvolle muzikale carriere in dezelfde, inmiddels ingedeukte en bekraste, auto rond was blijven rijden. Volgens de zanger bevatten ‘geleefde’ objecten een ziel die nieuwe objecten nog moeten verkrijgen. En eerlijk is eerlijk; wanneer ikzelf door een nieuwbouwwijk rijd besluipt mij eenzelfde gevoel: Die nieuwe huizen, die nieuwe straten, komen kil en zielloos op mij over. Iets dat zich door de jaren heen altijd weer vanzelf recht trekt. Maar daarvoor dient men er eerst geschiedenis te schrijven.

Melancholische onzin of waarheid?

Kintsukuroi is als reparatiekunst niet alleen een Japanse techniek maar dus juist ook een zienswijze en een levensbeschouwing. Het geeft een filosofische knipoog naar het menselijke leven dat eveneens vol leed, ervaring, schoonheid en groeiprocessen zit. Want ook de mens wordt immers gedurende zijn leven blootgesteld aan een 1001 situaties die zo hun krassen en littekens achterlaten. Sommige zichtbaar en weer andere onzichtbaar zoals pijnlijke herinneringen, trauma’s et cetera.

“Door schade en schande wordt men wijs” zegt een oud Nederlands gezegde. Maar is het vaak ook niet zo dat wijsheid een mens mooier maakt? (kunstobject van kunstenaar Page Bradley)

“Luid de bellen die nog steeds kunnen luiden.
Vergeet het gedachtegoed dat al wat je aanbied
perfect dient te zijn.
In alles zit wel een barst of een scheur.
Op deze wijze treed het licht binnen…”

Daarom dienen ‘littekens op je ziel’ ook bij de mens niet per definitie als iets negatiefs te worden beschouwd, ook al is dit in het algemeen wel de zienswijze die de meeste mensen gewend zijn. Niet alleen de leuke herinneringen hebben ons immers gemaakt tot wie we vandaag de dag zijn, maar ook juist de minder leuke! De sterkste planten en bomen in de natuur zijn doorgaans diegene die er het hardst voor hebben moeten knokken om te overleven. De bomen en planten die het gemakkelijkste bestaan lijden zijn vaak het eerste de dupe bij een krachtige storm. En ook dit is bij mens en dier niet zelden het geval. De ene is dingen soms meer gaan leren waarderen, als een tweede kans, terwijl de ander misschien vanuit een verwend standpunt wel alles voor lief is gaan nemen.

“Het is niet de sterkste van een soort die overleefd en ook niet de meest intelligente, maar diegene die zich het beste aanpast aan veranderingen”

– Charles Darwin –
(Biologisch wetenschapper)
1809-1882

Mensen die veel leed en verdriet hebben meegemaakt hebben zich emotioneel (dus intern) vaak noodgedwongen in allerlei bochten moeten wringen om zichzelf voor de buitenwereld in leven te houden. Dit geldt eveneens voor de plant of boom die dit ondergronds met zijn wortels doet om zich in de bovenwereld staande te houden. De sleutel tot succes is namelijk zeven keer vallen, acht keer opstaan. En zo maakt Moeder Natuur van iedere flater, van iedere huilbui, van iedere tegenslag een nieuwe traptrede naar de toren van succes: Vroegere zwakten vormen de gefundeerde krachten van het heden. De gouden lijnen van de breuken in porseleinen vazen en potten doen bij kintsukuroi ‘toevallig’ genoeg ook denken aan de wirwar van boomwortels die op hun beurt eveneens het doel hebben om een boom overeind te houden.  Toeval? Of een van de geheimen van Moeder Natuur om ons hiermee iets duidelijk te maken? Misschien had wetenschapper Albert Einstein (1879-1955) wel gelijk toen hij de woorden sprak: “Toeval is Gods manier om anoniem te blijven”.

Over bomen en kintsukuroi
Wanneer je een staak in een boom zou slaan groeit de boom, zolang hij er niet aan overlijd, vroeg of laat om zijn verwonding heen ondanks dat deze altijd een deel van de boom zal blijven. Hetzelfde geld voor jonge mensen. Wat voor een geestelijke verwonding zij ook oplopen; zolang zij er niet aan sterven groeien zij vroeg of laat om hun trauma heen dat voor altijd een deel (herinnering) van hen zal uitmaken. Zij leren er als het ware mee leven. Dit is één manier om met problemen om te gaan. Maar er is nog een andere metafoor die ik als optie wil laten zien.

Zo kun je met een mes in een jonge boom je naam kerven. Iets dat voor een kleine jonge boom best als een relatief grote verwonding mag worden beschouwd. Maar de boom groeit verder en lijkt niet bijzonder veel aandacht te schenken aan zijn grote litteken. Vele jaren na dato blijkt de kerving relatief klein te zijn geworden in verhouding tot de boom die inmiddels zelf een kolossale vorm heeft aangenomen. De boom is zijn oude verwonding als het ware overstegen. Voor de mens pakt dit vaak op een soortgelijke manier uit.

Een fiets dat door een jongetje in 1917 met een ketting aan deze boom werd achtergelaten.

Oorlogsveteranen spreken niet voor niets liever niet over hun verleden. Onderzoeken op universiteiten hebben aangetoond dat getraumatiseerde oorlogsveteranen, die standvastig niet langer aan hun verleden dachten, vele malen beter, gelukkiger en gezonder leefden dan zij die er telkens over bleven praten. Die laatste groep herbeleefde letterlijk en figuurlijk telkens weer alle pijn en verdriet waardoor zij aan het einde van de rit in een duizend oorlogen leken te hebben gevochten in plaats van één. De onderzoekers wilden hiermee niet beweren dat men er goed aan doet zijn trauma’s te negeren en te ontkennen (iets dat immers volslagen onmogelijk is), maar dat het doelbewust en standvastig negeren van iedere flashback en associatie met het verleden als een vorm van heilzame therapie kan worden gezien. De gelukkige veteranen bleken ook beter in staat te zijn om hun verleden te relativeren, zelfs wanneer zij zichzelf eveneens al dan niet noodgedwongen aan ernstig geweld schuldig hadden gemaakt of wanneer hen dit door de vijand was aangedaan. Leren relativeren is dan ook een zeer belangrijk stuk in de puzzel! Iets dat door de vele littekens en krassen door slachtoffers helaas vaak overzien wordt.

“Wanneer een volwassene zijn amandelen moet laten knippen besterft hij het daarna van de pijn. Kinderen lijken daarentegen een uur later al weer te kunnen spelen. En indien je nu denkt dat de pijnreceptoren van kinderen kleiner zijn dan die bij volwassenen dan heb je het mis: Kinderen hebben het gewoon ‘te druk’ met andere, vrolijkere zaken in het leven”.   

De kracht van ervaring en beleving

Trauma’s mogen uiteraard geenszins worden gebagatelliseerd. Dat nooit. Want wanneer men iets dat zweert bedekt alsof het er niet is, dan gaat dit vroeg of laat rotten en stinken. Men moet er “iets” mee doen, zelf wanneer men er “niets” mee lijkt te doen, zoals in het verhaal van de gelukkige veteranen. Ik moet hierbij denken aan een tweetal krachtige gezegdes die mij door de jaren heen ter oren zijn gekomen. Deze gezegdes reflecteren beiden de succesvolle zienswijze van de gelukkige veteranen, maar laten tegelijkertijd de valkuilen zien van de ongelukkige veteranen:

“Een mens ziet alleen zijn schaduw wanneer hij zelf besluit om met zijn rug naar de zon te gaan staan”

“Je moet voorzichtig zijn wanneer je naar de duisternis kijkt, want de duisternis kijkt terug”.

De weersomstandigheden (lees: gebeurtenissen in je leven) kunnen we nu eenmaal niet bepalen, maar we kunnen wel zelf bepalen hoe we de zeilen bijzetten en welke koers we kiezen, ofwel hoe we er mee om gaan. Wij zijn tenslotte de regisseur van onze eigen film, de schilder van ons eigen doek. Dat… mogen we nooit vergeten! Want wanneer we die macht uit handen geven kiezen we er vrijwillig voor om als slaaf van onze emoties door het leven te gaan, altijd op zoek naar de goedkeuring van anderen.

De kracht van Ikigai

Door onze zwakke plekken volgens de kintsukuroi-filosofie te repareren (de schoonheid er van in te zien) en te gebruiken, kunnen we juist vaak veel meer bereiken dan een ieder die niet voor dergelijke hete vuren hebben gestaan. Denk daarbij aan ’s werelds beste top-chirurgen of aan gedreven verkeersbeleidsmakers die hun beroepskeuze vaak maakten nadat een geliefde van hen overleed aan een ziekte of door toedoen van een dronken bestuurder. Hun verdriet, hun zwakte, werd hun ikigai, ofwel hun krachtige levensdoel.

Ikigai is iets dat iemand gelukkig maakt en visie geeft, zoals bijvoorbeeld je leven in dienst stellen van een goed of zelfs groter doel. Denk daarbij aan een Martin Luther King en Nelson Mandela die op onvoorstelbaar krachtige wijze hun leven in het teken stelden van het succesvol bevechten van apartheid en racisme. Een Elvis Presley die door zijn eigen onoverkomenlijke liefdesverdriet liederen schreef en bezong die tot op de dag van vandaag nog steeds mensen laten huilen en steun bieden in moeilijke tijden. De ex-verslaafde die nu met hart en ziel verslaafde jongeren coached op weg naar een beter leven. Ook hier geldt weer dat de bomen die het hardste moesten knokken de krachtigste wortels ontwikkelden.

“Vraag je niet af wat de wereld nodig heeft. Vraag je af wat jou tot leven brengt en ga dat doen. Want wat de wereld nodig heeft is mensen die tot leven zijn gekomen”.

– Howard Thurman –
(Schrijver, theoloog en mensenrechtenactivist)
1899-1981

“Zoekt en gij zult vinden” (Matteus 7:7-8)

Misschien moeten sommige mensen vanwege een bepaald hoger doel wel meer lijden in dit leven dan een ander, wie zal het zeggen. En deze gedachte opper ik niet zomaar. Want is het je nooit opgevallen dat wanneer je er (alleen al) aan denkt om ‘binnenkort maar eens wat informatie over iets op te zoeken‘ je vanaf dat moment bestookt wordt met de benodigde informatie in de vorm van alledaagse dingen om je heen? Ooit ‘toevallig’ een boek gevonden tussen duizenden die bij het openslaan exact datgene bevatte waar je naar op zoek was? Een nietszeggend magazine in een wachtkamer uit verveling geopend waar je plotseling je antwoord vond? Een kennis die een rake uitspraak maakte over een heel ander onderwerp, maar je daarmee meteen de ogen opende op een ander vlak? Sceptisch? Dat mag, graag zelfs. Maar we weten allemaal dat wanneer we een andere pagina van dat magazine openen of een ander boek zouden pakken, dat deze voor ons van generlei waarde blijkt te zijn. Dergelijke bijna onopmerkelijke gebeurtenissen lijken manieren te zijn waarop Moeder Natuur ons verder richting ons doel lijkt te stuwen. Het spreekwoordelijke duwtje in de rug. De kosmos zit vol met geheimen die er telkens weer op lijken te wachten om ontdekt te worden.

Niets zo leerzaam als fouten maken

In de moderne maatschappij lijkt het er steeds meer op dat gezien worden door veel mensen als een soort van nieuwe religie wordt beschouwd. Iedere scheet, iedere zinloze gebeurtenis of actie denkt men vast te moeten leggen met de telefoon en te delen via social media. ‘Veel volgers hebben’ is daarbij een nieuwe sport geworden want die prestatie verhoogd het aanzien. Het zegt in principe min of meer of iemand interessant genoeg is of niet. Deze houding zet zich zowel zicht- als voelbaar door in het normale leven. Dat bemerk ik als sportschooleigenaar maar al te goed. Veel jongeren kunnen steeds minder goed tegen kritiek en voelen zich al snel ‘publiekelijk’ aangevallen. Dat terwijl kritiek juist zo broodnodig is om überhaupt te kunnen groeien. Wanneer je als sensei (leraar) zegt dat iemand verkeerd trapt of verkeerd staat, verwacht je een “Osu” (ofwel “ik heb het begrepen”) en geen tekst en uitleg over het ‘hoe en waarom’ die persoon toch dacht het zo goed te doen. Want wat de uitleg ook is; deze is bij voorbaat zinloos, ongewenst en zelfs ongepast! Niet één sensei zit namelijk te wachten op een Ja maar-verhaal. Excuseren doe je wanneer je je schaamt of in verlegenheid gebracht voelt en niet wanneer je op een acceptabel moment een noodzakelijke(!) fout maakt. Jullie lezen het goed: Een noodzakelijke fout! Ik leg leerlingen altijd uit dat het maken van fouten geen schande is maar juist een bittere noodzaak.

Fouten vormen je uiteindelijke blauwprint

Wanneer ik een middeleeuws slagveld zou moeten betreden met een groep mensen die alles meteen begrepen wat ik uitlegde of met mensen die eerst veel fouten maakten voordat zij exact begrepen wat ik bedoelde, dan viel mijn keuze per definitie op de laatste groep. Ik leg dit wel eens als volgt uit:

Je hebt twee chauffeurs. De ene heeft een navigatie en vindt zijn weg naar Rome telkens weer direct via de kortste en snelste manier. De andere chauffeur zit het niet mee. De ene keer rijd hij via zijn routekaart, de andere keer vraagt hij de weg om de vijftien kilometer bij een tankstation, dan weer volgt hij de borden of pikt hij een lokale lifter op die het gebied enigszins kent. Ook heeft een collega van hem het ooit in een schriftje voor hem opgeschreven. Hij heeft talloze keren verschillende routes genomen, reed regelmatig verkeerd en was daardoor qua tijd niet altijd de snelste van de twee. Uiteindelijk krijgt ook hij een navigatie waarmee hij de prestatie van de eerste chauffeur per direct kan evenaren. De twee moeten nu weer naar Rome. Onderweg zit het tegen. De wegen zijn geblokkeerd door omleidingen in verband met een ongeluk en de navigatiesystemen hebben tijdelijk geen verbinding met de sateliet. Welke van de twee chauffeurs zal nu op alle fronten in zijn voordeel zijn? Juist, chauffeur twee. Hij beschikt inmiddels over 1001 opties in zijn arsenaal. En zo transformeren al onze vooraf gemaakte fouten zich in effectieve alternatieve kompassen die ons te allen tijde terzijde zullen blijven staan.

Een 1001 keer effectiever

En zeker in de martial arts is iedere fout die je maakt in je leerproces een absolute gift. Iets om van te leren genieten! Leerlingen dienen dan ook hun naar aandacht snakkende behoeften aan en gedachten van trots en schaamte los te laten. Er is geen enkele reden om trots te zijn bij het maken van een geslaagde trap, evenals dat er geen enkele reden is om te balen van een mislukte trap. In een echt gevecht bestaat er geen perfectie, geen ultieme balans, geen good-looks en geen glory. Dat bewaren we voor de Hollywood films. Het is dan ook compleet zinloos je pijlen daar op te richten. Men doet er goed aan te beseffen dat diegene die zijn balans een 1001 keer verstoorde voordat hij een techniek goed te pakken had, een 1001 keer verkeerd trapte voordat hij de perfecte mai-ai (correcte afstand) voelde en een 1001 intrinsieke frustraties versloeg voordat hij met mushin (een geest leeg van emoties) en een laserachtige kime (concentratie) zijn tegenstander tegemoet treed, een 1001 keer effectiever is dan zijn tegenstander die alles in één keer leek te begrijpen. Een dergelijke tegenstander moet al zijn tekortkomingen nog ontdekken zodra hij zijn perfecte show op tracht te voeren in een echt gevecht. Een slag waarin de slagingskansen van deze twee vechters vergeleken mogen worden met de twee eerder genoemde chauffeurs. En dus ook hier zien we wederom dat kintsukuroi, ofwel alle opgelopen scheuren en barsten in iemands leerproces, juist voor perfectie en ware schoonheid zorgen.

“Ik vrees niet de man die een 10000 traptechnieken heeft geoefend. Ik vrees de man die één traptechniek 10000 keer geoefend heeft”.

Bruce Lee
(Kung fu legende, filmacteur en auteur)
1941-1973

Tot slot

Ikzelf ben ook lange tijd gebukt gegaan onder de traumatische ervaringen uit mijn verleden en zocht daarvoor vaak vergeefs hulp bij psychologen en psychotherapeuten. Iedere nacht werd ik ernstig gekweld door nachtmerries en dat had zo zijn invloed op mijn dagelijkse leven. Uiteindelijk bleek EMDR voor mij (wat wel en niet werkt is voor iedereen verschillend) de juiste aanpak te zijn. Daarnaast begon ook ik na het lezen van de wetenschappelijke bevindingen bij oorlogsveteranen mijn nare herinneringen persistent te negeren. Ik keerde ze spreekwoordelijk de rug toe en besloot voortaan alleen nog maar naar de zon te kijken. Uiteindelijk ging ook ik, zij het op microschaal, op geheel natuurlijke wijze doen wat de eerder genoemde beroemde personen deden, ofwel mijn steentje bijdragen tegen de ellende die ook mij overkomen was. Door het boek Straatwijs te schrijven, door lezingen te geven en door zelfverdedigingslessen tegen geweld en criminaliteit holistisch en in een zo realistisch mogelijke context te onderwijzen, evenals het lesgeven aan mensen met trauma’s van geweld, ben ik na lange tijd heel anders in het leven komen te staan. Ik leid vandaag de dag een geweldig fijn leven, verlost van nagenoeg alle ellende. Nachtmerries behoren voorgoed tot het verleden en ik zou momenteel niets aan mijn leven willen veranderen. Ik durf met recht te zeggen dat ik mijn eigen krassen en littekens met behulp van kintsukuroi heb weten te repareren, namelijk door er de schoonheid van in te leren zien in plaats van er alleen maar de zwakte van te belichten. Dit leidde ertoe dat ik mijn Ikigai heb weten te vinden, ofwel mijn levensdoel en visie om anderen te helpen om de oneindige mogelijkheden van hun eigen krachten en zwaktes in te leren zien en deze ten volste te benutten. Dit in de hoop dat men kan voorkomen dat het eigen trauma wordt doorgegeven op de kinderen, waarin een nieuwe keten van slachtoffers zich voortzet.

“Het is gemakkelijker om sterke kinderen te bouwen dan om gebroken mannen te repareren”

– Frederick Douglass –
(Voormalig slaaf, abolitionist en staatsman)
1817-1895

Een gift kan een vloek zijn, maar soms kan de vloek zich ook tot een ware gave ontwikkelen. Of je die gift als een vloek of een eer beschouwd is afhankelijk van je eigen perspectief.

Patrick Baas
Kyoshi, 7e dan.

Share Button